Hoe lang heb je daar gewoond?
Een jaar of vier denk ik. Maar dat weet ik niet exact.
En daarna ben je...
AT: Je wil m’n hele woningstory weten?
Ja ik ben wel benieuwd.
AT: Ik heb toen daarna samengewoond in de Haarlemmerweg, toen had ik echt een grotere woning.
Dus dat was niet echt, neem ik aan, een studentenwoning?
AT: Maar daarna ben ik weer op mezelf gaan wonen, in een heel klein, twee-en-een-half meter breed, zeven meter lang in de Pijp. Dat deelde ik met nog twee vrouwen. Een etage met z’n drieen. De badkamer en de keuken deelde, we, en de wasmachine enzo. Ik had eigenlijk nooit gedacht dat ik dat zou doen maar het is me heel goed bevallen. Het was heel smal vooral, maar ik was daar heel trots op. Het was in de Pijp, vlakbij de Albert Cuyp. Wederom, ja ik had heel veel vrienden die groter woonden, in studentencomplexen in Meer en Vaart enzo. Ik vond het toch heel gaaf dat ik midden in de stad woonde.
En, in het algemeen, zie je de meerwaarde voor studenten om in een studentenhuis te wonen?
AT: Ja, dat hangt natuurlijk heel erg van de personen af. Het heeft natuurlijk een meerwaarde omdat je dan dingen kan delen, het wordt goedkoper daardoor. Dit was toen de enige manier voor mij om aan een woning te komen. Het heeft ook wel z’n voordelen omdat het sociaal is, niet dat wij nou elke dag met elkaar gingen eten ofzo, maar het heeft vooral qua ruimte voordelen. Ik denk dat dat soort woningen helpen om huisvesting beschikbaar te maken voor studenten. In die zin is het heel interessant om in dat soort concepten te denken. Verder moet iedereen dat voor zichzelf weten of die dat leuk vindt. Ik denk wel dat het goed is om overal in de stad dit soort mogelijkheden te hebben voor studenten.
Ja, want dat wilde ik ook nog vragen: Of vanuit politiek opzicht studenten gespreid zouden moeten worden over de stad.
AT: Ja, nou ik denk dat het voor Amsterdam heel goed is dat wij een studentenstad zijn. Dat studenten heel belangrijk zijn voor Amsterdam. Sowieso zijn wij natuurlijk een partij die onderwijs en kennis heel hoog in het vaandel hebben. Maar voor Amsterdam is studentenhuisvesting echt een groot probleem. Daar maken we ons sterk voor, maar niet alleen maar omdat we studenten graag in de stad houden, maar ook omdat ze bijdragen aan een leefbare stad. Het is niet alleen een kostenpost, maar ook een investering. Omdat je er ook echt voordelen van hebt, bijvoorbeeld in West bij de Houthavens heb je containerwoningen, het feit dat daar studentenhuisvesting is gekomen draagt ook bij aan de leefbaarheid. Er komt meer horeca, er komt meer creativiteit. Daardoor wordt een buurt ook veiliger, dat helpt ook bij de sociale cohesie.
De Houthavens, dat ligt in de Spaarndammerbuurt toch?
AT: Ja. Er zijn ook voorbeelden van in Noord, en bij het Amstelstation, en bij de Wenckebachweg. Er zijn meerdere voorbeelden van in de stad waar studentenwoningen zijn gekomen en waar je ziet dat dat iets doet met de leefbaarheid in de buurt. En dat is ook een vraagstuk waar we soms mee worstelen: ‘hoe houd je sociale cohesie in de buurt? Hoe zorg je voor leefbaarheid? Hoe houd je het veilig?’
Maar het lijkt mij wel lastig, tenminste, dat is wat ik me afvraag, dat D66 als liberale partij misschien op een gegeven moment tegen een grens aanloopt, wil ik weten waar jij die grens trekt wanneer, specifiek als het gaat om de buurt...ja... Ik denk dat jullie wel begrijpen waar ik heen wil...
JP: In hoeverre je mensen moet pamperen?
Ja, zo zou je het kunnen zeggen.
AT: Nou wij zijn natuurlijk een sociaal-liberale partij dus wij willen gewoon afwegingen maken die goed zijn voor de stad. Je denkt na over wat is goed voor de ontwikkeling van de stad, en waar D66 heel erg in geloofd is de functiemenging, de functievariatie, de gelijkschaligheid. Dus dat je overal in de stad veel dingen bij elkaar hebt: de horeca, studentenwoningen. Diversiteit, op een kleine schaal. Niet monomane wijken maar juist verschillende functies bij elkaar brengen op een kleine schaal, dat is typerend voor Amsterdam en dat leidt ook tot, ja leefbaarheid en sociale cohesie. Dat creëert ook waar Amsterdam zo bekend om staat: dat hier heel veel creativiteit is, en dat het in veel delen van de stad prettig is om te wonen, werken, leven, juist omdat het door elkaar gemengd is. En je ziet dus dat daar waar studenten wonen, dat daar de leefbaarheid toeneemt. Dat blijkt ook steeds op die drie plekken die ik net noemde. En dat heeft te maken met het feit dat er meer horeca komt, dat er meer terrasjes zijn, meer mensen op straat ’s avonds. Het gevoel van veiligheid neemt toe.
Je moet studenten niet dwingen om daar te gaan wonen maar wij denken dat het goed is voor de stad, en dat studenten dat ook graag willen; het mes snijdt aan twee kanten als je studenten niet in grote kolossen buiten de stad huisvest maar juist overal in de stad laat wonen want dat is ook goed voor Amsterdam.
Welk stadsdeel kan nog wel wat meer studenten kunnen gebruiken denk je?
JP: De nieuwe stadsdelen bedoel je?
Ja, de stadsdelen zoals ze nu zijn, ze zijn nu inderdaad natuurlijk samengevoegd ja. Of wijken, buurten.
AT: Je hebt nu een aantal voorbeelden, zoals in Noord, Westerpark, in die wijken zie je wat het gedaan heeft, die wijken zijn al heel erg opgeknapt. Maar je hebt nog steeds wijken in Amsterdam waar dat nog moet gebeuren of waar dat nu in ontwikkeling is. Volgens mij heeft ASVA zelf voorgesteld om te kijken of je studenten kan verleiden om in dat soort wijken, in achterstandswijken echt te gaan wonen. Als je daar iets tegenover zet als student door iets bij te dragen, maatschappelijk. Nou dat zijn ideeën waar wij ook over nadenken, die dragen wij echt een warm hart toe. Waar je dan bijvoorbeeld aan moet denken is dat je afspraken maakt met woningcorporaties, dat juist in die achterstandswijken ook woningen gelabeld worden voor studenten. Dat studenten daar voorrang krijgen maar daar staat dan tegenover bijvoorbeeld dat je studenten vraagt om buddy te zijn op een vmbo-school. Het is nu zoeken: waar snijdt het mes aan twee kanten. Uitval in het onderwijs kan je voorkomen door heel veel individuele begeleiding, dat jongeren die dreigen uit te vallen koppelt aan een student. We krijgen een leraartekort dus misschien kan je studenten vragen om als klassendocent voor de klas te staan. Er zijn allerlei ideeën denkbaar. Dat moet je niet opleggen maar er zullen genoeg studenten zijn die best tijdens hun studie dat werk willen doen. Of dat je zegt: je krijgt makkelijker toegang tot een woning.
Maar nou ben ik benieuwd, in al deze initiatieven zit geen dwang,..
AT: Nee, wel verleiding. Maar dan moet je wel een goed aanbod leveren.
JD: DUWO zegt dat er volgend jaar een tekort van 8000 studentenwoningen is.
AT: Precies. Er is schaarste.
JD: Dan weet je dat er studenten onvrijwillig thuis blijven wonen. In Schagen of Enkhuizen of weet ik veel waar.
AT: We moeten keuzes maken.
Nou dat is waar ik benieuwd naar ben: Of je ook iets kan zeggen over het geld dat D66 wil uittrekken om dit soort initiatieven te ondersteunen.
AT: Nou, wat je nu ziet gebeuren is dat er elke keer een patstelling ontstaat in de discussie: studenten zijn belangrijk voor de stad, en dat andere partijen dan zeggen: ja maar er zijn nog wel ergere problemen, we moeten eerst de achterstandsjongeren helpen. Maar ik denk dat je daar solidariteit moet zoeken. Dat studenten ook wel begrijpen dat als er in achterstandswijken dingen misgaan, dat dat natuurlijk prioriteit heeft boven geld stoppen in studenten die het op zich beter hebben. Als je dat nou bij elkaar brengt, studenten vraagt een maatschappelijke bijdrage te leveren in ruil voor een goede woning, studenten willen daar dan zelf voor kiezen. Dat hoeft niet per se altijd zo te zijn. Maar ik denk dat er heel veel studenten best bereid zijn, om op die manier wat bij te verdienen, of aan een woning te komen.
Ik neem aan dat zo’n initiatief niet het gebrek aan alle 8000 woningen kan oplossen...
AT: Nee, maar dwang moet je niet willen. Er zijn nu al heel veel huizenprojecten maar je ziet dat die vaak via de dure bureautjes lopen. We hebben gewoon sowieso als stad, als overheid een verantwoordelijkheid; Amsterdam is een universiteitsstad, een studentenstad, dat is heel belangrijk. Niet alleen omdat je studenten aan wil trekken als stad maar het heeft ook heel veel waarde voor Amsterdam zelf; doordat we hier talent hebben willen bedrijven zich ook vestigen in Amsterdam dus het zorgt ook nog eens voor werkgelegenheid. Dus het is in eerste instantie überhaupt de opdracht om te zorgen dat wij studentenwoningen hebben. En doe dat dan overal in de stad zodat het ook echt bijdraagt aan de leefbaarheid in de stad. En je kan dan ook denken aan een aantal projecten waar je studenten voorrang geeft in ruil voor een maatschappelijke bijdrage
Dat zijn allemaal initiatieven die ook het draagvlak kunnen vergroten om het aantal studentenwoningen in de stad te vergroten, want ja, dat is soms de afweging waar je gewoon voor komt te staan.
JP: Ja, het is natuurlijk een onderdeel van onze algemene woningvisie, ik weet niet of je het programma helemaal hebt doorgespit...
Euh... nee, niet ik heb het niet helemaal gelezen nee.
AT: Wat wij ook heel belangrijk vinden is dat wanneer je afstudeert, je ook in de stad kan blijven wonen. Amsterdam trekt met name ook veel masterstudenten aan, omdat je in je masterfase vaak voorsorteert op een baan. Het is hartstikke mooi dat veel studenten in Amsterdam en in de omgeving hun werk zoeken. Dan moet je natuurlijk wel zorgen dat als ze afstuderen ze hier een woning vinden. Daarom vindt D66 het een groot probleem dat de woningmarkt op slot zit, er is heel weinig doorstroming. Wij stellen ook voor om het scheefwonen aan te pakken.
Daar heb ik over gelezen, jullie willen de koppeling loslaten, dat nieuwbouw altijd 30 procent sociale woningbouw moet bevatten.
AT: Op zich vinden we het hartstikke belangrijk dat er sociale woningbouw is, de 30-procentsnorm houden we ook aan vast per stadsdeel. Maar wat je nu ziet bijvoorbeeld: 25 procent van de mensen met een hoger inkomen woont nog steeds in een sociale huurwoning. Dat moet je loslaten, niet dat mensen er uit moeten maar ze kunnen op een gegeven moment wel meer gaan bijdragen, zodat het geld vooral gaat naar mensen die zonder steun van de overheid die woning niet kunnen betalen.
Dus als ik het goed begrijp laten jullie dan die 30 procentsnorm los voor huizen die er al staan, dat je zegt: deze meneer verdient duidelijk genoeg, dus dit huis is vanaf nu geen sociale woning meer
AT: Ja, maar het gaat erom: nu is het heel star, nu wordt er bij elk nieuwbouwproject weer de eis van 30 procent gesteld. Terwijl in sommige buurten is het juist heel wenselijk dat er hogere inkomens komen wonen, omdat er een overschot aan sociale huurwoningen is. De Diamantbuurt is daar een voorbeeld van, die wil je juist opkrikken en als je daar nou per se met de nieuwbouw ook weer sociale huurwoningen moet bouwen omdat dat de dogmatische regel, dan is dat eigenlijk zonde van zo’n buurt. Terwijl, in andere buurten is misschien een tekort, daar moet je juist wel sociale huurwoningen bouwen. Maar er is in Amsterdam vijftig procent bijna, 49 procent van de woningen sociale huur, alleen niet iedereen die daar woont... We moeten vooral de doorstroming bevorderen en we moeten ook zorgen dat er betaalbare koopwoningen zijn voor mensen die dan eventueel die sociale huurwoning zouden willen verlaten.
Ik kan me voorstellen als het beleid wordt in Amsterdam dat het makkelijker wordt voor woningcorporaties om huizen samen te voegen, dat dat betekent dat die samengevoegde woningen niet meer voor studenten zijn.
AT: Klopt, maar je wil ook zorgen dat er woningen voor starters zijn. Dus het makkelijker maken om woningen samen te voegen, betekent ook dat er meer koopwoningen voor starters komen. We hebben bijvoorbeeld ook een voorstel dat studenten, die samen een woning in de vrije sector willen huren en daarvoor aan de inkomenseis moeten voldoen worden geholpen. Bijvoorbeeld als je met z’n drieën zegt: wij willen graag hier wonen en je denkt met z’n drieën: wij weten zeker dat we de huur kunnen betalen, maar je krijgt toch geen kans om daar te gaan wonen omdat je met elkaar nog steeds niet aan de inkomenseis voldoet, dan zouden wij het een goed idee vinden als je een half jaar de tijd krijgt om te bewijzen dat je de huur met elkaar kan opbrengen. En gewoon toch die woning met z’n drieën moet kunnen betrekken.
En dat is speciaal voor studenten?
AT: Ja. Nou op zich zou je het ook op andere groepen kunnen betrekken, maar nu is de inkomenseis heel hard, studenten zijn over het algemeen wel in staat om die huur met z’n drieën op te brengen, soms heb je ook je ouders achter je staan. Maar ja op dit moment is het: je haalt de inkomensgrens niet dus je mag er niet wonen.
Een andere onderwerp nog, ik weet niet hoeveel tijd er nog is...
AT: Nee, ga maar door hoor
Even kijken, ah, in ieder geval nog een half uur, toch?
JD: Ja, even kijken, nog tot half twee.
AT: Iets eerder zou ik prettig vinden, maar, kijk maar gewoon. Je hebt heel vragen (haha).
Ja, ik heb heel wat post-itjes.
JD: Ben je dit aan het tapen ofzo?
Ja, ik heb het al even gevraagd hoor.
JD: Nee dat is ok maar ik dacht waarom schrijft ie niets? Doet ie dit op geheugen?
AT: Dan heb je wel een heel goed geheugen!
Nee maar ik merk dat je zinnen niet goed onthoud, niet helemaal naar waarheid.
Wat vind je van het kraakverbod?
AT: We vinden het eigenlijk een beetje symboolpolitiek. Op zich zijn we niet voor kraken, maar het probleem is niet het kraken, het is het woningtekort. Een aantal ... daargelaten, daar waar het echt misgaat grijpen we over het algemeen ook in. Maar het grote probleem is de levenskwaliteit, en het woningtekort. En het feit dat de woningmarkt niet functioneert. En dat willen wij vooral aanpakken. Als je nu het kraakverbod invoert, maak je de druk op de woningmarkt nog groter, want door anti-kraak en kraken zijn er toch veel mensen die huisvesting krijgen. En bovendien zeggen wij, als je dat kraakverbod moet handhaven, moét handhaven omdat het als landelijk beleid over ons heen komt, dan moet je dus ook veel meer politie inzetten om dat aan te pakken, ook waar dat niet tot problemen leidt.
Zie je nu een kans om, nu anti-kraak waarschijnlijk ook grotendeels zal verdwijnen, de vrijkomende ruimtes via regelgeving...
AT: Nou, wat ons vooral zorgen baart is dat de leegstand zo toeneemt. Dat is natuurlijk een groot angstbeeld voor de stad. Als Amsterdam wil je toch aantrekkelijk zijn voor mensen om hier te gaan wonen.
Ik zag dat jullie een huiskamerbijeenkomst hadden georganiseerd over wonen, en dat een van de ideeën was om eigenaren die lange tijd leegstand hadden een boete te geven.
AT: Ja, het is zoeken naar vormen en kijken: wat is mogelijk?
En dat idee, die ideeën, worden dat nog voor de verkiezingen D66 standpunten?
AT: Die huiskamerbijeenkomsten worden 28 februari, als ik het uit m’n hoofd zeg, tijdens een groot slot-event afgesloten, en dan gaan we kijken: wat vinden we de belangrijkste ideeën, want het is natuurlijk ook een groot stuk creativiteit uit de stad dat we proberen aan te boren. Maar dit zijn natuurlijk hartstikke goede ideeën, wat je vaak ziet als je het meteen in de ambtelijke molen, binnen de muren van het stadhuis bespreekt dan zijn er waarschijnlijk tien wetten die het in de weg staan. Maar we willen hier nu eerst de gedachte de vrije loop laten. Nou, dan komt er een voorstel uit dat je eigenaren met panden die lang leegstaan aan moet pakken. De vraag is dan: hoe pak je dat aan? We zijn er ook al over aan het nadenken om eigenaren te dwingen na lange tijd hun woning beschikbaar te maken, want ja, dat is gewoon heel cynisch als je weet dat de druk op de woningmarkt zo groot is. Dus die ideeën komen terug en het is ook iets wat we willen blijven doen dus ook na de verkiezingen willen we met die huiskamerbijeenkomsten voortschrijdend inzicht uit de stad halen. De woningmarkt leeft enorm, dat is wel leuk om te zien. Die huiskamerbijeenkomsten zijn voor veel gewone Amsterdammers een manier om met elkaar van gedachten te wisselen en je merkt dat de woningmarkt een heel belangrijk topic voor mensen is. Mensen maken zich echt zorgen over de woningmarkt maar vinden ook dat de regelgeving veel te star is. Studentenhuisvesting is ook een steeds terugkerend onderwerp, en starters en ouderen.
En jongeren in het algemeen, want dat was een punt van Groenlinks, om...
JP: Je bedoeld Evelien van Roemburg, die de ASVA keihard aanviel.
Ja.
AT: Ja, nou dat is waarom ik daar op terugkwam, dat vind ik dus een mooi voorbeeld van de ASVA, wij denken daar ook over. Het is natuurlijk zo dat je de ene groep niet tegen de andere groep moet uitspelen, ik denk dat studenten dat ook helemaal zelf niet willen. Dus als je studenten dan vraagt om iets te betekenen voor jongeren die dreigen uit te vallen of taalachterstand hebben, nou dan denk ik best dat daar een groep studenten zich voor wil inzetten. Er is over het algemen best veel sociale bewogenheid dus ik vind het jammer dat we dat zo vaak, door Groenlinks in dit geval, tegen elkaar uitgespeeld wordt. Studenten worden al snel zo gezien van: die redden zichzelf wel, maar uiteindelijk, het zijn van een studentenstad en het aan je binden van talent creëert ook weer werkgelegenheid en daar moeten we het in deze wereld wel van hebben, en alle Amsterdammers hebben meer kans op werk daardoor. Maar ook de horeca floreert daardoor, dus we moeten daar niet zo star in denken. Maar ook de kansarme jongeren verdienen heel veel aandacht, die moeten ook huisvesting vinden en daarom hebben wij ook een groot plan voor de woningmarkt. Want als je zorgt dat mensen die nu in sociale huurwoningen wonen meer gaan betalen, en op een gegeven moment ook een woning gaan kopen want die prikkel wordt dan ook groter, dan komen die sociale huurwoningen vrij. Niet alleen voor studenten, maar dan kunnen ook die kansarme jongeren een sociale huurwoning vinden.
JP: Het beschermd verdelen van jongerenwoningen bestaat natuurlijk al wel, naast het niet-labelen van studentenwoningen. Het is niet zo dat we dat willen afschaffen.
AT: Door het huidige beleid staan jongeren juist jarenlang op de wachtlijst, omdat die woningmarkt zo star is. Dus het klinkt heel sociaal om alles bij hetzelfde te houden maar wat je ziet is dat het scheefwonen tot een hele rare praktijk leidt en dat de mensen die het echt nodig hebben veel te lang op een woning moeten wachten. Dat moet dus anders.
De oorspronkelijke belofte van het huidige college voor de afgelopen vier jaar was om 7600 studentenwoningen bij te bouwen, uiteindelijk is dat bijgesteld tot vierduizend-nog-wat. Wat ziet D66 als de reden dat dat niet gelukt is?
AT: Ja, geen prioriteit aan gegeven. Het zijn beloftes geweest die geen voorrang hebben gekregen in de uitvoering. Je ziet nu ook bijvoorbeeld in de Houthavens, dat de containerwoningen weggaan, dan worden er geen nieuwe woningen tegenover gezet dus die druk wordt alleen maar groter. Nou wij hebben er ontzettend veel op gehamerd, blijven dat ook doen. Ik denk dat het voor dit college toch minder prioriteit heeft, verder moet je bij hun zijn voor uitleg. Maar wij maken ons daar erg zorgen over.
Ik denk dat een heel groot verschil is, het is niet een kwestie van electoraat. Studenten zijn gewoon heel belangrijk voor Amsterdam. Als studenten ons niet meer gaan zien als studentenstad dan zegt dat iets over het leefklimaat van Amsterdam, de vrijzinnigheid, het uitgaansleven.
Hoeveel woningen voor studenten moeten er volgens D66 bijkomen in de komende vier jaar?
AT: Wij willen in ieder geval dat de doelstelling die het college zich stelde dat die gehaald wordt. Verder vinden we dat van de woningvoorraad duizend woningen voor studenten gelabeld moeten worden...
Duizend extra woningen?
AT: Van de bestaande voorraad moeten er duizend gelabeld worden voor studenten. We vinden dat die doelstelling van het huidige college gewoon gehaald moeten worden de komende jaren. En je moet zoeken naar initiatieven in de achterstandswijken, dat je dus daarnaast projecten zoekt waar je studenten in ruil voor een maatschappelijke bijdrage, met de corporaties om de tafel, om ze daar dan tegenover huisvesting te geven.
Er zijn natuurlijk verschillende manieren om studentenwoningen te realiseren, klopt het dat tijdelijke woningen voor D66 een minder wenselijke oplossing zijn?
AT: Nou het allerslechtste is als het tijdelijk is in die zin dat als die containerwoningen weggehaald worden dat er dan ook geen alternatief is. Als je er dan in ieder geval voor zorgt dat er steeds op andere plekken in de stad waar braakliggend terrein is weer nieuw aanbod realiseert dan is dat een structureel-tijdelijke oplossing. Maar uiteindelijk wil je natuurlijk woningen waar als je afstudeert eventueel ook kan blijven wonen, je wil starterswoningen. Dus het gaat ook gewoon om een andere visie op de woningmarkt.
Dus D66 wil liever woningen die meegroeien dan bijvoorbeeld zeggen: dit blok wordt gewoon de komende tien of de komende vijftien jaar studentenwoningen?
AT: We willen veel meer woningen, gewone huisvesting, sociale huurwoningen, vrije sector woningen mogelijk maken voor studenten, overal in de stad, laat dat heel duidelijk zijn. Tegelijkertijd moet je ook denken: er is een enorm tekort en financieel groeit het op het moment niet aan de bomen. Dus je moet daarnaast kijken of je pragmatisch gebruik kan maken van leegstaande panden dus sowieso bij de Zuidas die we nu gaan ontwikkelen hier en daar containerwoningen plaatst want studenten wonen daar toch graag en het draagt iets bij aan een wijk die nog niet zo heel erg levend is, dat genereert alvast wat. Dus aanvullend daarop zal je best containerwoningen kunnen handhaven maar dat is natuurlijk geen structurele oplossing.
Ik weet niet hoe we met de tijd zitten maar volgens mij heb ik wel euh...
JP: Goed voorbereid.
Hè?
JP: Goed voorbereid.
AT: Ja leuk.
Euh ja, ik hoop het. Ik ben ook wel benieuwd, gewoon, even die huisvesting laten zitten, waarom jij ooit lid bent geworden, of er een punt of idee was of dé reden om voor jou te zeggen: dat is mijn partij.
AT: Ja, dat schijnt heel erg Generatie X te zijn maar voor mij was het de partij die niet in absolute waarheden dacht. Dus heel duidelijk een eigen visie op de samenleving, maar die toch altijd in het debat weer zoekt naar de beste oplossing. En open staat voor nieuwe ideeën, blijft luisteren. Dus niet heel vooringenomen, dogmatisch een bepaalde ideologie overal... Ik was echt in de Koude oorlog opgegroeid met het idee links is fout en rechts, Amerika is goed. Sovjet Unie is fout. Tijdens de middelbare school begint al een wat genuanceerder beeld te ontstaan. En ik vond dat bij D66, D66 is scherp in het debat, houdt heel erg van het debat. Wel met je eigen ideeen, maar altijd open staan voor tegengeluid. Heel toekomstgericht eigenlijk.
En kan je dan ook zeggen dat je vooral de kijk op economie, de verhouding tussen markt en mens [belangrijk vindt], in tegenstelling tot D66 speerpunten als onderwijs en bestuurlijke vernieuwing?
AT: Voor mij is D66 een partij die het sociaal-liberalisme als stroming vertegenwoordigt in Nederland. Die zich ook kan vergezellen met Europese partijen zoals de Liberal Democrats, dat zijn de partijen die dezelfde sociaal-liberale, progressief-liberale stroming vertegenwoordigen. Eigenlijk het liberalisme zoals wij dat het liefst zien. Dus we zijn geen single-issuepartij, maar ik vind het sociaal economische programma, zoals we nu de hervormingsagenda voeren, ontzettend belangrijk, dat heeft me altijd aangesproken. Maar ik vind het wel een combinatie want ik vind het ongelofelijk belangrijk dat D66 onderwijs als prioriteit heeft, ook in Amsterdam. Nou er moet bezuinigd worden, natuurlijk, maar niet op onderwijs. En dat is niet omdat wij een single-issue partij zijn. Omdat als jij van jongs af aan al kansen misloopt in het onderwijs dan heb je ook minder kans op de arbeidsmarkt, meer kans op ongezondheid. Je maakt mensen gewoon kwetsbaar. Dat blijkt gewoon. Dus opleiding is gewoon het abonnement om te kunnen participeren en meedoen met de samenleving, op alle niveau’s. Dus ik ben er heel trots op dat D66 daar zo’n punt van maakt. Want je ziet toch in Nederland elke keer weer dat er eerder geld is voor wegen, die lobby is gewoon heel sterk. Bestuurlijke vernieuwing vind ik ook heel belangrijk, maar voor mij was het wel altijd heel belangrijk dat D66 vooral een politieke verzameling is, waar bestuurlijke vernieuwing een onderdeel van is. Dat schijnt overigens ook nooit zo geweest te zijn, ook niet door de politieke oprichters zo te zijn bedoeld, maar dat beeld is natuurlijk wel een tijd geleden zo gewekt.
Dat was ook een beetje mijn beeld, tien jaar geleden.
AT: Ik was ook initiatiefnemer van ‘Opschudding’ een vernieuwingsgroep binnen de partij, en we vonden het ook heel belangrijk om ons als sociaal-liberale partij te manifesteren, en niet alleen als bestuurlijke-vernieuwingspartij.
Ik ben blij dat jullie me wilden ontvangen.
AT: Ja, ik ben benieuwd wat je er van gaat maken.
Ja, het komt in ieder geval op de website, en ik ga ook nog wel wat andere media zoeken, kijken of die geïnteresseerd zijn. Zoals je hebt begrepen wilde ik het voornamelijk over huisvesting hebben.
AT: Ja, dat merkte ik ja. Dat is ook echt wel het belangrijkste waar we als gemeente wat kunnen betekenen.
Voor studenten.
AT: Ja, dus ik snap wel dat je daar voor kiest. Ja. Nou ik hoop echt dat wij de kans krijgen om daar echt wat aan te doen. Ook het feit dat er überhaupt te weinig plek is voor al die studenten die in Amsterdam willen studeren. Niet alleen in huisvesting maar ook qua collegebankjes.
En ik ga de campagne ook met veel interesse volgen want er is weer een nieuwe partij bij, Red Amsterdam.
AT: Ja volg je het goed, de gemeenteraadsverkiezingen?
Ja, ik ben zelf passief PvdA-lid, dus ik volg natuurlijk ook gewoon daarom de verkiezingen, maar ik vind het gewoon spannend omdat er nu duidelijk iets te kiezen valt, onder andere omdat PvdA er niet zo goed voor staat.
JP: Ik hoor veel PvdA’ers ook zeggen: het zou voor onze partij ook goed zijn om nu wat kleiner te worden.
Ja, dat vind ik ook wel.
JP: Alleen verschillen de meningen over hoeveel kleiner.
Ja, (haha) het is natuurlijk: het idee is leuk, om kleiner te worden. Tot het werkelijk gebeurd.
JP: Op het stadshuis zeggen ze: nou zes zetels minder vinden wij wel goed.
Oh, zes zetels.
JP: In veertien stadsdelen de grootste partij, in vier de absolute meerderheid, complete macht in het stadhuis, dat is gewoon voor niemand gezond.
AT: Maar je gaat ook Red Amsterdam interviewen?
Nou dat is eigenlijk wel een leuk idee. Maar ik kan m’n eigen partij niet interviewen, dat wordt een beetje raar.
AT: (schertsend) Misschien is dat ook nog wel een idee. Stations van de Noord-Zuidlijn omtoveren tot studentenwoningen. Voor hun dan he, ik zit nu even voor andere partijen te denken.
JP: (schertsend) Laat Nelly Frijda studenten maar begraven onder de grond.
Zo Jan, jij komt er ook nog even tussendoor.
JP: Ja sorry ja.
Nee dat vind ik niet erg, jij staat ook op de lijst dus wat dat betreft...
JP: Ja dat komt door de setting hier dat ik de neiging heb om mee te doen.
Ja precies. Nou enorm bedankt voor het interview.
AT: Graag gedaan. Succes.